|
KEUS GEMAAKT
Advertentie ingevuld, opgestuurd waarna uitnodiging volgde. Kom je als provinciaaltje bij dat imposante Scheepvaarthuis in Amsterdam, waarin wel vier of vijf grote Nederlandse rederijen gevestigd waren. Met vloeren en wanden van marmer en kozijnen, deuren en trappen van tropisch hardhout; je rook, zag en voelde de rijke historie van de Nederlandse koopvaardij vanaf de VOC.
Op de vijfde verdieping zat de, (daar gaat ie weer), de KJCPL. Na een paar testen en een gesprek met (ik dacht dhr. de Koning) werd ik, na medische keuringen, toegelaten tot de tweejarige cursus Scheepswerktuigkundige aan de Zeevaartschool in Vlissingen. .
BAGGERWERK
Het was febr. 1965, de zeevaartschool begon in augustus dus nog enkele maanden te gaan. Laat ik nou voor die paar maanden in het baggerwerk terecht komen. Nota bene pal voor ons huis a/d Westdijk in Spakenburg. Vanuit het slaapkamerraam, waaruit ik vroeger uitkeek over zee, zag ik nu de aanleg van de dijk van Zuid Flevoland, waaraan ikzelf heb meegewerkt. Het kan verkeren.
Het baggerwerk verdiende lekker en ik heb in die paar maanden zelfs een vorstelijk levenslang pensioen weten op te bouwen van ruim € 20, - per jaar!!
VLISSINGEN
Vlissingen aan de Zeeuwsche kust. Aardig om te weten is dat de zeevaartschool op de boulevard langs het strand staat.
Zodra er een groot vrachtschip voorbij voer, dicht langs het strand en dus dicht langs de school, klotste van opwinding, het bloed door je aderen. Want varen daarvoor zat je op school.
Vanaf m’n 19e heb ik twee jaar lang in Zeeland gebivakkeerd met dien verstande dat ik slechts éénmaal per maand een weekendje naar huis mocht. (op die manier kon je vast wennen om langere tijd van huis te zijn).
Je wist dat je, zonder eén dag verlof, zonder zelfs maar in de buurt te komen van Europa, twee jaar in het Verre Oosten zou moeten varen, maar je stond er zelden bij stil; dat was nog zover weg en absoluut onmogelijk te overzien.
LEERLING EN “Leraar”
Met de sportleraar, dhr. Kwadraat (meneer Mijnheer) kwam ik overeen om Judolessen te gaan geven. De Ruyterschool kocht de judomat en huurde een sportzaaltje en zo kon ik “ les” geven aan een groep gevorderden. Tijdens een open dag werden er, in het tekenlokaal van de Ruyterschool, school kampioen-schappen gehouden.
De judokampioenen van de Ruyterschool 1966 werden: E.R. vd Wall (licht-), A. vd Pijl (midden-) en Nico Kocken (zwaargewicht). Dit judo-evenement mag gerust uniek genoemd worden in de geschiedenis van” De Ruyterschool”. Bij deze. Er moeten nu nog scheuren zichtbaar zijn in het plafond onder de tekenkamer, vanwege het gedreun van vallende Judoka's
In de loop van het tweede jaar, kreeg ik stevige verkering en raakte verloofd. Het idee om haar 2 jaar achter te laten, bezorgde me nog net geen slapeloze nachten. Wel hoopte ik stiekem om niet te slagen voor het einddiploma. Deze gedachtengang heeft me kennelijk zoveel kalmte verschaft, dat ik glansrijk slaagde als leerlingscheepsmachinist. Hoe nu verder, want ik kon nog terug !
Een poging om als machinist bij het spoor te komen, ontspoorde. Men vond, vanwege m’n avontuurlijk aard, het spoor te smal voor me, en geadviseerd werd toch maar het ruime sop te kiezen.
WEER NAAR HET SCHEEPVAARTHUIS.
Of ik kreeg f. 1.500, - uitmonsteringskosten, of ik moest f.1.500, - terugbetalen indien ik er mee zou stoppen. Als duwtje in de rug werd door PZ, (dhr. Admiraal ?) nog gesuggereerd dat je aan f. 1.000, - meer dan voldoende had om uniformen te kunnen kopen, en voor de resterende f.500, - easy met vakantie kon samen met m'n geliefde.
Na enkele minuten bedenktijd besloten we tot dit laatste. Een beslissing die m’n leven en dat van, toen m’n verloofde, Janny Koelewijn, een drastische wending heeft gegeven. Dit was medio mei 1967.
SCHIPHOL---SINGAPORE DOOR DE LUCHT.
Augustus 1967, het was zover... Met 15 man vertrokken we van Schiphol. Met “we” bedoel ik alle geslaagden van de 2-jarige opleiding Scheepswerktuigkundige aan de Hogere Zeevaartschool in Vlissingen.
Getooid met zonnebril namen we voor twee jaar afscheid van de familie. Die zonnebril had overigens weinig met het weer te maken.
Eenmaal in de lucht, voor de eerste keer, naar een heel andere en onbekende wereld, en met je schoolmaten, was het emotionele afscheid op Schiphol snel vergeten.
Via Frankfurt, Beiroet, Karachi en Bangkok, arriveerden we de volgende dag in het bloedhete Singapore. Zodra de vliegtuigdeuren open gingen, sloeg de hitte letterlijk in je gezicht en rook je de geur van Malakka; ik noem het de geur van tropisch hardhout.
We werden ondergebracht in een oud koloniaal hotel, het Connel House. Ruim een weeklang een zonovergoten vakantie op de evenaar. Overdag liet je je lichaam van buiten afkoelen in het zwembad, ´s avonds van binnen in de barretjes.
Het “provinciale” raakte er al aardig vlot vanaf en de weg naar de “gezelligheid” voor zeevarenden was snel gevonden. Heimwee? Nu even niet.
De "all inclusive vakantie" was echter snel voorbij, want zodra er een schip van “onze company” de haven binnenliep, werden er eén of twee leerlingen aan boord geplaatst. In Singapore kwamen nl. alle lijndiensten van de KJCPL samen, te weten uit Australië, uit Japan, uit de Golfregio en alle schepen uit Zuid-Amerika en Zuid Afrika.
De spanning steeg met de dag, want bijna elke dag kwam er wel een schip binnen. Na 10 dagen was iedereen geplaatst; ik kwam terecht op de “Straat Futami”.
Vol beladen en met 14.000 Pk op “volle kracht vooruit”.
M’N EERSTE SCHIP.
Het m.s. Straat Futami; Een schitterend nieuw, modern en snel schip van 2jaar oud. Gebouwd in Japan ivm de handelsbetrekkingen. Aan de hand van enkele vragen, wat aardige bijzonderheden van dit schip.
-HOE SNEL IS ZO’N BOOT?
Zeg maar 21 mijl per uur, oftewel zo’n 40km/uur. Na een dag varen ben je, met wat stroming mee, zo'n 1000km verder.
-HET MOTORVERMOGEN?
Dat bedroeg 13.800 Paardenkrachten.
-HOEVEEL LITER BRANDSTOF IS DAARVOOR NODIG?
Per dag werd er ongeveer 70.000 liter stookolie doorgejaagd; Als je rekent dat er dagelijks tienduizenden van dergelijke schepen rond de wereld varen, snap je waar het broeikaseffect vandaan komt.
-HOE LANG EN BREED IS DE BOOT?
Het bootje is ca. 168 meter lang en 25 meter breed. Ter vergelijk: Een straatje van 28 huizen op rij.
-IS DAT EEN GROOT SCHIP ?
Ja, met 168m is er sprake van groot koopvaardijschip.
MAAR… wat te denken van het grootste Nederlandse containerschip de Nedlloyd Mondriaan.
Dit schip van de Nedlloyd, gedoopt in 2005 door Inge de Bruin is 2x zo lang, 2x zo breed, en gebruikt, naar ik vermoed, 4x tot 5x zoveel stookolie dan de Straat Futami. Dus 350.000 liter per …… per dag!.
Diezelfde Mondriaan kwam begin 2006 in het nieuws toen het een tiental containers verloor van het achterschip nabij de Waddeneilanden; heel het strand van Terschelling lag bezaaid met gympies.
Enkele weken later verloor het in de Golf van Biskaje nog eens enkele tientallen containers; weer van het achterschip?! Op een totaal van 8500 containers is dat slechts een half procentje.
-HOEVEEL TOEREN MAAKT DE SCHROEF ?
Grote scheepsdieselmotoren draaien met een heel laag toerental van ca. 115 omwentelingen per minuut.
-LEZERSVRAAG: Hoeveel brandstof wordt er bij elke zuigerslag, in de cilinder gespoten? (het betreft een 6-cil.motor) Een blikje bier voor de eerste beller met het juiste antwoord!.
M’N ALLEREERSTE ZEEREIS: SINGAPORE - HONG KONG.
´s Nachts 2 uur. Hevig gesis, gedreun en gebonk; de motor werd gestart met lucht, en dat wel een keer of 10. Zo’n schip vaart niet even weg van de kade. Als het schip los is, krijgen wind en stroming er vat op, dus moeten sleepboten de boot van de kade trekken en kan er met de hoofdmotor af en toe een klapje voor- of achteruit worden gegeven.
Zodra er niet meer gemanoeuvreerd hoeft te worden, laten de sleepboten los en kan het schip op eigen kracht z’n weg vervolgen. Na een half uurtje werd het wat rustiger, de trillingen werden wat minder en het besef drong tot me door dat ik nu echt voer. Uit m’n patrijspoort zag ik langzaam de lichtjes van Singapore verdwijnen en even later was het buiten pikkedonker.
De deining gaf het schip een wiegende beweging en na wat gemijmer over wat ik beleefde, viel ik in slaap.
Dan volgen nu, in willekeurige volgorde, wat korte opmerkelijke, bijzondere en soms bizarre verhaaltjes over belevenissen waarin de sfeer aan boord van een zeeschip, naar ik hoop, enigszins te proeven is.
|